17 september, 2026

Bewust stilstaan bij eindigheid maakt het leven rijker, niet somberder

Joost van den Heuvel Rijnders - Vipassana.nuMeditatieleraar Joost van den Heuvel Rijnders over Licht leven, licht sterven

Vergankelijkheid is onlosmakelijk verbonden met mindfulness. Gedachten, gevoelens, lichamelijke sensaties en geluiden komen en gaan. Maar hoe verhouden we ons tot de meest wezenlijke vorm van vergankelijkheid: onze eigen sterfelijkheid?

Meditatieleraar Joost van den Heuvel Rijnders schreef daarover Licht leven, licht sterven – Levenswijsheid over de dood. Hij beoefent sinds 1995 vipassana, verbleef meer dan drie jaar in boeddhistische meditatiekloosters in Myanmar en Nepal en begeleidt sinds 2005 retraites in binnen- en buitenland.

Christiaan Neeteson, contentmanager bij de VMBN, sprak met hem over de dood, vergankelijkheid en wat mindfulness-trainers daarmee kunnen in hun eigen beoefening en in het begeleiden van deelnemers.

Je schrijft over de dood als iets dat ons wakker kan maken voor het leven. Was er een moment waarop dat inzicht voor jou niet meer alleen een boeddhistische gedachte was, maar persoonlijk werkelijk werd?

Joost: “Niet echt één moment. Ik heb drie jaar in boeddhistische kloosters in Myanmar en Nepal geleefd en daar werd in de teachings altijd al veel gesproken over sterfelijkheid en eindigheid.

Daarna ben ik gaan lesgeven in het middelbaar onderwijs en kwam ik natuurlijk in aanraking met het overlijden van ouders van leerlingen en van collega’s. Ik heb gemerkt hoe verrijkend het was om al zo vertrouwd te zijn met dit thema. Toch bleek het in de rauwe werkelijkheid natuurlijk nog steeds niet altijd makkelijk om werkelijk aanwezig te zijn.”

Je beoefent al ruim dertig jaar vipassana en verbleef in kloosters in Myanmar en Nepal. Hoe is jouw eigen verhouding tot dood en vergankelijkheid in die jaren veranderd?

Joost: “Ik durf wel te zeggen dat ik er steeds meer vertrouwd mee ben. Hoewel ik ook besef dat mijn ervaringen met het sterven van dierbaren relatief beperkt zijn. Mijn ouders leven nog en we spreken in onze familie regelmatig onze dankbaarheid uit dat we nog geen grote en indringende verlieservaringen hebben gehad. Die komen nog.

Wel ben ik bij veel sterfprocessen aanwezig geweest en heb ik naast sterfbedden gezeten. Dat zijn heel waardevolle momenten en indringende levenslessen. Ik heb gemerkt dat ik daar vrij goed bij kan zijn en een bepaalde rust bij ervaar.”

De Nederlandse cultuur is vaak praktisch en nuchter rond de dood: we regelen veel, maar spreken er niet altijd diep over. Herken je dat? Wat missen we daardoor?

Joost: “Jazeker. De dood is vaak nog een taboe. Het is ook lastig om het erover te hebben. De fight-, flight- en freeze-reacties die we benoemen in een MBSR-training gaan natuurlijk ook op voor het thema dood.

We leven in een doodontkennende samenleving. In onze individualistische en kapitalistische samenleving is de dood natuurlijk ook een hindernis: hij neemt ons bezit af, we hebben er geen controle over, het glipt ons door de vingers. We leven bovendien in een maakbare samenleving waarin we efficiënt en doelgericht taken uitvoeren en controle lijken te hebben. Ook de gedachte dat alles beter wordt – het optimistische vooruitgangsgeloof – rijmt niet goed met de dood.

Door de ontkerkelijking zijn bovendien rituelen verdwenen die ervoor zorgden dat we onze verlieservaringen beter konden kaderen en delen met de gemeenschap.

Wat we hierdoor missen, is het besef van sterfelijkheid als een gedeelde ervaring. Het is echt een blinde vlek – of een dode hoek. Het is verdwenen naar de randen van ons bewustzijn en daardoor komt het vaak rauw op ons dak. We vinden het daardoor ook lastig om ons te verhouden tot een dierbare vriend of collega die te maken heeft met een sterfgeval in zijn of haar omgeving.”

Wat maakt dat we de dood wel als feit accepteren, maar moeite hebben om hem werkelijk in ons leven toe te laten?

Joost: “We kunnen cognitief begrijpen dat de dood verbonden is met het leven, maar hem gevoelsmatig werkelijk toelaten is nog iets anders. Cognitief kunnen we heel veel begrijpen en accepteren, maar gevoelsmatig komt de dood dichterbij.

Dat is spannend, maar ook interessant. Daarom kan het heilzaam zijn om te mediteren op de dood en hem dus in je meditatie te verwelkomen. Ook dat is soms nog iets kunstmatigs, maar als we in de luwte oefenen, kunnen we de lessen toepassen tijdens de storm.”

Hoe praat je over mediteren op de dood zonder dat het donker, morbide of somber wordt?

Joost: “Door het te hebben over iets wat heel realistisch is en wat ons allemaal bindt. De gedeelde menselijkheid hierin biedt ruimte aan ervaringen. Het is menselijk om bang te zijn voor de dood of er somber van te worden. Maar dat is juist de oefening.

Als mensen gaan mediteren op vriendelijkheid, komen ze ook vaak oordelen en afwijzing tegen. Dat hoort bij het proces. Als de meditatie te overweldigend is, is het ook wijs en compassievol om de aandacht op iets anders te richten, bijvoorbeeld op leuke, prettige en lichte ervaringen. Zo kunnen we het geleidelijk leren toelaten.”

Hoe kan een mindfulness-trainer deelnemers helpen om bij eindigheid stil te staan zonder daar een zwaar of spiritueel geladen thema van te maken?

Joost: “Door eindigheid mee te nemen in de begeleiding en tijdens de inquiry. Je kunt bijvoorbeeld uitnodigen om bewust te zijn van het oplossen van een gedachte, het verdwijnen van een emotie of een geluid.

Tijdens de inquiry kun je doorvragen als iemand een ervaring deelt: wat gebeurde er toen? Bleef het? Interessant, hè? Ook leuke ervaringen gaan weer voorbij.

Dat is misschien wel heel kenmerkend voor ons bestaan: alles wat opkomt, verdwijnt ook weer. Zo vermijd je diepe gesprekken, maar worden er vanuit de eigen ervaring wel zaadjes geplant van eindigheidsbesef.”

Wanneer is het passend om een contemplatie over dood of verlies in een mindfulnessgroep aan te bieden, en wanneer juist niet?

Joost: “In een achtweekse training doen we dit doorgaans niet. Tijdens een stiltedag zou je bijvoorbeeld wel aandacht kunnen besteden aan vergankelijkheid, maar ik zou hier voorzichtig mee zijn. Je moet als trainer een wijze inschatting kunnen maken of alle deelnemers dit kunnen dragen.

Ik pleit meer voor een lichte, speelse benadering: af en toe een hint naar het komen en gaan van indrukken en verschijnselen. Je kunt bijvoorbeeld verwijzen naar de natuur. Herfstbladeren laten de wisseling van de seizoenen goed zien. Daar kun je naar verwijzen zonder er lang bij stil te staan.

Misschien komt er ooit nog een aanvullende mindfulnesstraining rond dit thema. Ik organiseer zelf weekenden Licht leven, licht sterven. Dan mediteren we een heel weekend rond dit onderwerp. Deelnemers kiezen daar dan ook bewust voor.”

Wat vraagt dit onderwerp van de persoonlijke beoefening en zelfkennis van de trainer?

Joost: “Als je zelf vertrouwd bent met sterven en daar tot op zekere hoogte oké mee bent, kun je natuurlijk ook makkelijker openen voor de dood bij anderen, ook bij deelnemers aan je training.”

Wat hoop je dat mindfulness-trainers na het lezen van Licht leven, licht sterven anders durven doen, in hun eigen leven en in hun werk met groepen?

Joost: “Pauzeren bij dat wat wellicht het meest confronterend is in ons leven: verlieservaringen. Niet te veel wegrennen, maar aanwezig durven blijven, kijken en de moed hebben om je ook hiervoor te openen.

Dat mag een proces zijn. Het is geen quick fix of een trucje. Mildheid en zelfcompassie zijn daarbij goede hulpbronnen.

Misschien dat trainers daardoor ook in een individueel gesprek met een deelnemer het hart durven openen wanneer er over dit thema wordt gedeeld. Aanwezig zijn, heel eenvoudig, zonder iets te hoeven oplossen. Luisteren en van mens tot mens mee resoneren.”

Licht leven, licht sterven, Joost van den Heuvel Rijnders | Boek | 9789090422527 | BrunaOver Licht leven, licht sterven

In Licht leven, licht sterven – Levenswijsheid over de dood combineert Joost van den Heuvel Rijnders inzichten uit het traditionele boeddhisme met persoonlijke, eigentijdse en wetenschappelijke inzichten. Aan het einde van ieder hoofdstuk staan suggesties voor eigen reflectie. Het boek bevat daarnaast elf interviews over uiteenlopende ervaringen met de dood.

Auteur: Joost van den Heuvel Rijnders
Uitgever: 30NOW Uitgevers
Omvang: 210 pagina’s
Prijs: € 23,95
ISBN: 9789090422527