16 december, 2019

MBI:TAC – internationaal erkend ontwikkelinstrument voor mindfulnesstrainers

Karin Rekvelt

De MBI:TAC (Mindfulness-based Teaching Assessment Criteria) is in 2008 ontwikkeld door Rebecca Crane (rechts) en haar collega’s aan de universiteiten van Bangor, Exeter en Oxford. De toegankelijkheid van dit unieke document is onlangs vergroot door de Nederlandse vertaling van Karin Rekvelt (links). Karin heeft een gedragswetenschappelijke achtergrond en stond aan de wieg van de ontwikkeling en uitvoering van assessment-instrumenten. Ze is nu werkzaam als psycholoog, opleider, supervisor en trainer. Barbara Doeleman-van Veldhoven (bestuur VMBN) praat met haar over de MBI:TAC en de waarde ervan voor mindfulnesstrainers.

  1. Zou je in een paar woorden kunnen uitleggen wat de MBI:TAC is (en wat het niet is)?

De MBI:TAC is een hulpmiddel om de kwaliteiten van het mindfulness trainerschap in kaart te brengen. Je kunt ermee ontdekken hoe een trainer zich verder kan ontwikkelen in het trainerschap en hiermee de kwaliteit ervan bevorderen. De trainerskwaliteiten worden in zes domeinen uiteengezet. Deze domeinen nodigen uit tot reflectievragen zoals: Hoe ga je als trainer om met de inhoud, het tempo en de organisatie van het curriculum? Hoe begrijp je het curriculum en hoe trouw ben je eraan? De MBI:TAC past binnen het model van ervaringsleren en kan gebruikt worden als (persoonlijk) feedback instrument om met elkaar in gesprek te gaan over de kwaliteiten binnen het trainerschap. Het is in het Verenigd Koninkrijk in eerste instantie ontworpen als assessment-instrument om het niveau van het trainerschap te beoordelen binnen de academische opleidingen aan de universiteiten. In Nederland wordt het meer als leermiddel en ontwikkelinstrument ingezet.

  1. Wat heeft jou gemotiveerd en geïnspireerd om de MBI:TAC te vertalen?

Een paar jaar geleden volgde ik bij Rebecca Crane een workshop over het gebruik van de MBI:TAC. Ik realiseerde me toen dat we in onze trainingen meestal onze moedertaal gebruiken. Als we met behulp van mindfulness oefeningen ervaringen onderzoeken, krijgen woorden een diepere betekenis als we dit in onze moedertaal toen. We worden bijvoorbeeld meer bewust van de impact die woorden hebben op onze ervaringen of we leren juist onze ervaringen beter kennen door het verwoorden ervan. Verder praat het makkelijker in de moedertaal. Ik hoop hiermee het gebruik van het instrument dichter bij de trainers en opleiders te brengen.

  1. Hoe kan de individuele mindfulnesstrainer van de MBI:TAC profiteren voor zijn of haar ontwikkeling?

Het mindfulness trainerschap vraagt onder andere om deskundigheid. Om op een verantwoorde wijze te werken is het van belang dat je weet welke interventies je toepast binnen de training voor een specifieke doelgroep binnen een specifieke setting. De domeinen en kenmerken geven een goede basis die ten grondslag ligt aan het trainerschap voor MBSR, MBCT en andere mindfulness-based programma’s. Door de MBI:TAC te gebruiken word je bewust van bias die mogelijk voortkomt uit de eigen achtergrond en expertise. Je kunt met de MBI:TAC onderzoeken of je de kwaliteiten van het mindfulness-trainerschap ook echt belichaamt. Het is bijzonder dat kenmerken als bijvoorbeeld authenticiteit, warmte, nieuwsgierigheid en wederkerigheid, duidelijk worden geconcretiseerd. Het zijn concepten die betekenis geven aan ervaringen waar we in de praktijk niet altijd de juiste woorden voor vinden of waar we niet altijd bij stil staan als we bezig zijn met het geven van de training. Deze ontdekking hielp mij bij het vertalen van het document en het maakte het tot een levendig proces, wat in m’n eigen trainerschap weerspiegeld werd. Er zijn veel meer kwaliteiten in het mindfulness trainerschap verweven dan je op het eerste gezicht denkt: bijna elk domein bevat vijf hoofdkwaliteiten. Elke trainer zou het stuk eens rustig kunnen gaan lezen om af te stemmen met deze kwaliteiten.

  1. Om welke zes domeinen gaat het?

De MBI:TAC beschrijft 6 competentiedomeinen: Domein 1 gaat over de inhoud, het tempo en de organisatie van het curriculum; domein 2 over de relationele vaardigheden van de trainer; domein 3 over de belichaming van mindfulness; domein 4 over het begeleiden van de mindfulness oefeningen; domein 5 over het overbrengen van inhoudelijke thema’s door interactieve inquiry en educatie; en domein 6 over het faciliteren van de leeromgeving van de groep. Per domein worden een aantal gedragskenmerken geëxpliciteerd en uitgebreid beschreven.

  1. Het is een gegeven dat driekwart van de trainers een mengvorm van MBSR en MBCT geeft. Zegt de MBI:TAC hier iets over?

Deze discussie sluit aan op wat het gebruik van de MBI:TAC beoogt, namelijk het bewaken van interventie-integriteit. Hier horen toetsingsvragen bij zoals: Ben je trouw aan het oorspronkelijke curriculum van de MBSR of de MBCT? Als je een mengvorm gebruikt, weet je dan op basis waarvan je dit doet? Het is belangrijk om als trainer goed te weten vanuit welke motivatie je de training geeft en welke gevolgen bepaalde interventies hebben voor een specifieke doelgroep. Zo is als training de MBSR vooral bestemd voor een groep mensen die zich veerkrachtig tot stress leren verhouden, terwijl de MBCT vooral bestemd is voor een groep mensen met recidiverende depressies. De verschillende interventies binnen de trainingen zijn hierop afgestemd. Toch is kruisbestuiving van onderdelen uit beide trainingen via een mengvorm mogelijk. Neem als voorbeeld de oefening ‘3 minuten ademruimte’. Deze is als waardevolle oefening overgewaaid van de MBCT naar de MBSR en wordt ook in de MBI:TAC beschreven als kernoefening. 

Ik vind het belangrijk dat een trainer zich verdiept in de achtergrond, visie en kennis met betrekking tot het curriculum dat wordt gebruikt. Zo is bijvoorbeeld de fasering van de oefeningen in de training een belangrijk aandachtspunt. De training begint niet voor niets met de lichaamsverkenning. Een van de redenen is dat lichamelijke gewaarwordingen in het algemeen ons het meest tastbaar laten ervaren hoe het leven ons raakt. De Satipatthana Sutta (de leerrede van de Boeddha over de grondslagen van mindfulness) begint mede om deze reden met het ervaren van lichamelijke gewaarwordingen. Het is interessant voor een trainer om zich hierin te verdiepen, omdat het trainerschap ermee wordt gevoed. Verder verwijst de MBI:TAC de trainers naar de Good Practice Guidance voor MBI trainers om hun beoefening en expertise up-to-date te houden.

  1. Terug naar de MBI:TAC: wordt er ook geschreven over het gebruik ervan bij zogenaamde Mindfulness Based Programs?

Jazeker, bij de introductie van de MBI:TAC criteria wordt geschreven dat de interventie-integriteit dient te worden gewaarborgd, juist ook bij het ontwikkelen van zogenaamde Mindfulness Based Intervention (MBI) programma’s, zodat de rijkdom van de oorspronkelijke trainingen behouden blijft en de implementatie ervan zorgvuldig plaatsvindt.

  1. Hoe verhoudt de MBI:TAC zich tot innovaties in het mindfulness veld?

De MBI:TAC vormt mijns inziens, samen met de Good practice guidelines for teaching mindfulness-based courses en de Good practice guidelines for mindfulness-based supervisors of MBI teachers – waar overigens ook nog een Nederlandse vertaling van zal komen – een goede basis voor professioneel trainerschap van MBP’s. Het is van waarde dat mindfulness trainers bekend en vertrouwd raken met de 6 domeinen en de gedragskenmerken, om het leerproces te verdiepen en om constructief aan kwaliteitsbevordering te doen, waarover onderling met elkaar kan worden gesproken. Op grond van de eigen expertise en ervaring in specifieke werkvelden kunnen programma’s op maat worden gemaakt.

  1. Wat moet er volgens jou meegenomen worden in de overwegingen om de MBI:TAC binnen de bestaande mindfulness opleidingen aan te bieden?

De MBI:TAC is een subtiel en multidimensionaal instrument dat zich alleen met goede voorbereiding, bestudering en verdieping op ondersteunende wijze laat inzetten. Dit vraagt veel tijd; ten eerste alleen al omdat het document 78 pagina’s telt. Om hier ruimte voor te creëren binnen de beschikbare opleidingsuren kan een uitdaging zijn. Daarnaast is het belangrijk te weten dat assessment instrumenten oorspronkelijk zijn ontwikkeld om professioneel of beroepsmatig gedrag bespreekbaar te maken, zodat ervan kan worden geleerd. Wanneer er onzorgvuldig of oneigenlijk gebruik van de MBI:TAC wordt gemaakt – bijvoorbeeld door het in te zetten om mensen eenzijdig een beoordeling te geven – kan dit juist ten koste gaan van de motivatie en het leerproces van de trainer in opleiding. Zorgvuldigheid en integriteit bij het gebruik van de MBI:TAC zijn cruciaal.

  1. Is de MBI:TAC volledig of af? 

Het gebruik van de MBI:TAC vraagt om een procesgerichte benadering. De domeinen met hoofdkenmerken zijn geen vaststaande entiteiten, maar ontwikkelingsgerichte gedragskenmerken. Ook het document zelf is aan ontwikkeling onderhevig en reeds in 2012 en in 2017 werd het aangepast naar nieuwe inzichten. Op basis van meer onderzoek zou ze opnieuw kunnen worden bijgesteld. Inmiddels is er een Hebreeuwse, Chinese, Japanse, Duitse, Franse en Spaanse vertaling van de MBI:TAC. Dit vind ik veelzeggend: zoveel verschillende culturen die zich herkennen in de competenties van de MBI:TAC voor het mindfulness trainerschap. Er zit blijkbaar iets universeels in én het is meer toegankelijk in de moedertaal.

  1. Heb je zelf een ‘favoriete competentie’?

Ik heb er verschillende, maar eentje die eruit springt valt binnen het domein belichaming, namelijk in ‘de persoon van de trainer’. Hiermee wordt de natuurlijke aandachtige aanwezigheid van de trainer bedoeld. Om hier uitdrukking aan te geven worden binnen de MBI:TAC woorden gebruikt als ‘een natuurlijke persoonlijke stijl waarin een goed onderhouden beoefening tot expressie komt in een natuurlijke wijze van zijn’. Tijdens supervisie komt nogal eens naar boven dat een trainer de eigen beoefening verwaarloost. Het geven van de training brengt dit naar de oppervlakte, doordat het ‘niet lekker loopt’ of doordat de trainer nogal last heeft van sterke reactiviteit. Zo wordt de trainer aangemoedigd de persoonlijke beoefening fris en wakker te houden, wat ten goede komt aan het geven van de training. Hier is sprake van een wisselwerking. Het mindfulness trainerschap is in mijn ogen dan ook een dynamisch en organisch proces, waarbij de persoon van de trainer een belangrijk voertuig voor de training is. 

  1. Tot slot: wie hebben je geholpen bij de vertaling?

Allereerst bij aanvang van het vertaalproces onderzoeker Lola Sprenger. Zij heeft me geholpen bij de eerste versie van de vertaling en bij de juiste formats die hierbij horen. Verder waren er de ‘meelezers’ die me van commentaar hebben voorzien bij latere versies: Joke Hellemans die me bewust maakte van het gebruik van bepaalde voorkeurswoorden, zoals ‘relateren’ en Nicole Schoonbrood die me aanmoedigde tot een iets vrijer Nederlands taalgebruik, wat de soepelheid van de zinnen ten goede is gekomen. Veel dank! Verder zou ik de lezer willen vragen dat als je struikelt over bepaalde vertaalde woorden en je een goed alternatief hebt, mij dit te laten weten, zodat ik een aanpassing kan doen, mocht dit wenselijk zijn. Dit heb ik zo met Rebecca Crane afgesproken.

De Nederlandse vertaling van Karin Rekvelt vindt je hier.

Reacties naar karinrekvelt@keyworks.nl en barbaradoeleman@vmbn.nl